Meldingen
Alles wissen

Werkt je wachtwoord niet meer? Druk dan op wachtwoord vergeten.

Ervaar je technische problemen? help@papegaaienforum.nl

KDS - PDD

1 Berichten
1 Gebruikers
0 Reactions
4,078 Bekeken
arasevera
(@arasevera)
Berichten: 2383
Edel lid
Topic starter
 

Kliermaag Verwijdingsyndroom

Kliermaag Verwijdings Syndroom (KDS), Proventricular Dilatation Syndrome, Neuropathic Gastric Dilatation or Macaw Wasting Disease, is een zeer vervelende en meestal fataal verlopende ziekte die niet alleen Ara's maar ook grijze roodstaarten en kaketoe's aantast. Ook andere kromsnavel soorten kunnen deze ziekte krijgen, hoewel de amazone papegaaien relatief bestand lijken tegen deze ziekte. De ziekte is voor het eerst herkend in 1971 en is sindsdien vastgesteld in o.a bovengenoemde soorten maar ook in edelpapegaaien, zonparkieten, grasparkieten en valkparkieten. De ziekte is vastgesteld bij vogels vanaf een leeftijd van 10 weken tot vele tientallen jaren oud. Relatief jonge dieren lijken dus vreemd genoeg wat meer bestand tegen deze ziekte.

De aandoening wordt waarschijnlijk veroorzaakt door een virus. De eerste symptomen zijn vaak braken (overgeven vanuit de krop), verminderde eetlust en kropovervulling ten gevolge van de acute infectie van krop, klier- en spiermaag en darmen. Met name bij edelpapegaaien worden ook afwijkingen in het zenuwstelsel gezien zoals verlammingen, wankel lopen, draaihalzen etc. Ongeveer 90% van de vogels die dit eerste stadium overleven lijken te herstellen.

Maar bij de overige 10% van de vogels wordt door een chronische ontstekingsreactie de ze nuwcentra in de wand van het maagdarmkanaal vernietigd. Hierdoor kan de krop zich niet of maar heel langzaam meer legen (overvulde krop). De kliermaag raakt opgestopt door de vele zaden. Deze vogels zitten na het eten vaak langdurig te slikken en met de hals te rekken. Deze vogels liggen vaak plotseling dood omdat zich of een perforatie in de spierwand ontwikkeld of de stilstaande maaginhoud gaat rotten. Bij andere vogels raakt vooral de spiermaag aangetast met als gevolg dat de opgegeten zaden niet meer fijngemalen of tegengehouden worden maar in zijn geheel en onverteerd in de ontlasting verschijnen. Deze vogels vermageren sterk ondanks een buitensporig grote eetlust en sterven uiteindelijk van uitputting door de chronische ondervoeding.

Al deze verschijnselen zijn helaas niet specifiek voor deze aandoening. Ook andere aandoeningen zoals lood vergiftiging, bacteriele en gist infectie van de krop of maag, dan wel ingeslikte vreemde voorwerpen en obstructies (touw) kunnen sterk gelijkende symptomen geven. De diagnose bij een zieke levende vogel kan heel moeilijk zijn.

Meestal is er een volledig bloedonderzoek en ontlastingsonderzoek nodig om andere aandoeningen uit te sluiten. De meeste informatie wordt echter verkregen met een röntgenonderzoek. Looddeeltjes zijn eenvoudig op de foto te zien. Op een standaardfoto kan soms de overvulde kliermaag gezien worden en ook het ontbreken van de normaal aanwezige maagkiezel of kleine steentjes is een sterke aanwijzing. Echter vaak moet de vogel wat bariumpap gevoerd worden.

Door enige tijd daarna opnieuw rontgenfoto's te maken kan vastgesteld worden dat er een vertraagde of afwezige krop, kliermaag of darmlediging is. Echter al deze bevindingen kunnen een sterke aanwijzing zijn voor de aanwezigheid van een kliermaag verwijdings syndroom maar een onomstotelijk bewijs vormen zij niet.

Voor een definitieve diagnose zijn stukjes weefsel uit de krop, kliermaag en/of darm nodig. Bij de levende vogel noemen we dit biopten, bij sectie op doden dieren kan een deel van deze organen opgestuurd worden. De patholoog anatoom kan bij weefselonderzoek pas uiteindelijk de karakteristieke verschijnselen van deze ziekte onder de microscoop vaststellen en zo de diagnose bevestigen.,

Kliermaag verwijdingssyndroom is een lastige ziekte omdat zowel het veroorzakende virus, de wijze van overbrenging (ontlasting en braaksel?) , de incubatietijd en de besmettelijkheid onbekend zijn. Er bestaat ook geen test waarmee besmette vogels op simpele wijze zijn op te sporen. Dus als de ziekte eenmaal in een voliere opduikt is het zeer moeilijk de ziekte weer uit te roeien. Hoewel het aantal sterfgevallen meestal niet meer dan 5-10% bedraagt van het totaal aantal aanwezige vogels, kan de ziekte gedurende een periode nog wel 1-2 jaar na het eerste geval nog steeds totaal onverwacht nieuwe slachtoffers maken. Soms worden aangrenzende hokken schijnbaar overgeslagen en duikt de aandoening na drie maanden ineens alsnog aan het andere eind van de voliere op. Er is geen behandeling of vaccinatie bekend. Vogels die onverteerde zaden uitpoepen kunnen het vaak nog heel lang goed doen op pellet voer (Nutribird, Prettybird, Harrison's). Uiteindelijk gaan deze vogels vaak toch dood. Hoe lang eenmaal besmette vogels nog besmettelijk blijven is onbekend. Goede hygiene zal de verspreiding van de ziekte moeten voorkomen. Dwz. zo min mogelijke verhuizingen binnen de hokken, geen nieuwe aankopen. Voederbakken ontsmetten en steeds in dezelfde hokken terugplaatsen. Niet met dezelfde schoenen van het ene hok in het andere hok lopen en dichte scheidingswanden tussen de vluchten.

Bron: drs. H.J. Ronner, http://www.dierenartsenpraktijkronner.nl
De auteur van deze text is niet aansprakelijk voor enige vorm van schade die kan ontstaan door het toepassen van de adviezen zonder tussenkomst van een dierenarts.
(zelf)diagnose en (zelf)therapie kunnen een verkeerde uitwerking hebben als de diagnose niet correct is.


:groenvleugel-ara: Chester en Samba
:dwergara-arasevera: Yoda en Navy

 
Geplaatst : 22 februari 2010 14:05
Deel:

Scroll naar boven